Samenleving / Methode M

Subculturen

Je hebt vast wel eens gehoord van het woord cultuur. De Limburgse cultuur, de Marokkaanse cultuur, de joodse cultuur of een jeugdcultuur. Maar wat wordt ermee bedoeld? In deze opdracht gaan we ons in dit onderwerp verdiepen.

Wat moet ik weten en kunnen?
  • Weten wat het verschil is tussen een cultuur en een subcultuur.
  • Uitleggen welke soorten subculturen er zijn.

A. Cultuur is alles

Cultuur is alles? Ja! Alles wat de mensen maken en doen valt onder cultuur. De taal die we spreken, de kleren die we dragen, het eten dat we bereiden, hoe we ons huis inrichten en de liedjes die we zingen. Het is allemaal cultuur. En cultuur verschilt per plaats. Want: Niet overal spreken ze dezelfde taal, hebben ze hetzelfde geloof, zingen ze dezelfde liedjes of hebben ze dezelfde dingen in huis.

Cultuur is dus een verzameling van allerlei kenmerken van een groep. We omschrijven cultuur dan ook het beste met de gemeenschappelijke waarden, normen, gewoonten, feestdagen en tradities van een groep. De cultuur die alom aanwezig is noemen we een dominante cultuur. Je ziet het overal terug in de samenleving en de meeste mensen hebben dezelfde cultuur.

Sommige dingen zijn typisch voor de Nederlandse cultuur. Het standaardlijstje: kaas, klompen, tulpen en molens, maar bijvoorbeeld ook hoe we wijken bouwen, het tijdstip waarop we eten en het vieren van het Sinterklaasfeest zijn allemaal voorbeelden van de Nederlandse cultuur.

Opdracht 1

Bekijk deze video van Schooltv. Cabaretier Roué Verveer vertelt wat hij verrassend vond aan de Nederlandse cultuur toen hij hier in Nederland kwam wonen.

A) Noem twee dingen waar Roué verbaasd over was.

B) Bedenk zelf nog één voorbeeld van iets Nederlands waar buitenlanders zich over verbazen.

Opdracht 2

Zoek op internet naar een foto van een andere cultuur dan de Nederlandse. Leg zo uitgebreid mogelijk uit waarom je voor deze foto gekozen hebt.

B. Subculturen

Naast dominante culturen hebben we ook subculturen. Dit zijn kleinere groepen met een gemeenschappelijke cultuur. En daar zijn er veel van. Want alle groepen mensen die hun eigen waarden, normen en gewoonten hebben zijn een subcultuur. We maken daarom nog onderscheid tussen vijf soorten subculturen:

#1. Etnische subculturen

Het woord etniciteit (etnisch) betekent een groep met een gemeenschappelijke afkomst (een bevolkingsgroep). In Nederland wonen bijna 3 miljoen mensen met een andere afkomst. Bijvoorbeeld Duits, Belgisch, Marokkaans, Surinaams of Indonesisch. Deze mensen kennen vaak ook nog de dominante cultuur van het land van afkomst en nemen deze mee naar Nederland. Vaak voeden ze hun kinderen hier voor een deel mee op.

In de video hierboven wordt gekeken naar de cultuurkenmerken van Suriname, maar ook de Duitse, Marokkaanse of Indonesische cultuur heeft vaste kenmerken:

Duitse cultuurkenmerken
Waarden
Beleefdheid, deskundigheid, stiptheid
Gewoonten
Warme lunch, sloffen dragen in huis, met helm op fietsen
Tradities
Oktoberfeest, zondagsrust, kerstmarkt
Marokkaanse cultuurkenmerken
Waarden
Eerzaamheid, gehoorzaamheid, gastvrijheid
Gewoonten
Afdingen, zorgen voor extra eten en drinken voor onverwacht bezoek
Tradities
Toestemming ouders nodig om te trouwen, driedaagse bruiloft
Indonesische cultuurkenmerken
Waarden
Vriendelijkheid, gastvrijheid, bescheidenheid
Gewoonten
Eten met je rechterhand, bord niet leeg eten, schoenen uit in huis
Tradities
Uitgebreide bruiloften, offerrituelen, je kindertijd afsluiten met een feest
Opdracht 3

A) Bekijk de bovenstaande video. Noem drie kenmerken van de Surinaamse cultuur.

B) Bedenk van een andere etnische subcultuur wat de waarden, gewoonten of tradities zijn. Kies uit de Turkse cultuur of de Antilliaanse cultuur.

#2. Regionale subculturen

De provincie Friesland heeft echt zijn eigen cultuur binnen Nederland. Ze hebben een eigen taal, ze staan bekend als trots, koppig of nuchter en kennen hun eigen Friese tradities, zoals bijvoorbeeld Skûtsjesilen of Fierljeppen.

De meeste provincies hebben net als Friesland eigen cultuurkenmerken. Maar ook streken als de Achterhoek, de Waddeneilanden of Het Gooi hebben hun eigen cultuur. Een regio, dit kan een provincie, streek, stad, dorp of soms zelfs een buurt zijn, kan ook zijn eigen cultuurkenmerken hebben.

Opdracht 4

A) Bekijk de video hierboven. Bij welke subcultuur hoort de band Normaal?

B) Welke cultuurkenmerken komen terug in het liedje hierboven?

C) Wat zijn typische cultuurkenmerken van jouw provincie of stad?

#3. Religieuze subculturen

Een religie is een ander woord voor godsdienst. Ongeveer 45% van de Nederlanders heeft een geloof. Dat zie je dan ook terug in onze samenleving.

Nederland kent drie grote godsdiensten met de meeste gelovigen: het christendom, het jodendom en de islam. Maar er zijn ook kleinere religieuze subculturen, zoals het boeddhisme, hindoeïsme of het sikhisme. Binnen een religie zijn het gebedshuis, de feestdagen en de kledingdracht belangrijk.

Jodendom
Gebedshuis
Synagoge
Feestdagen
Pesach, Jom-Kippoer
Kledingdracht
Keppeltje
Christendom
Gebedshuis
Kerk
Feestdagen
Kerstmis, Pasen
Kledingdracht
Ketting met een kruisje
Islam
Gebedshuis
Moskee
Feestdagen
Offerfeest, Suikerfeest
Kledingdracht
Hoofddoek, nikab
Opdracht 5

A) Is het christendom in Nederland tegenwoordig een dominante cultuur of subcultuur volgens jou?

B) Hoe zie je het jodendom en de islam terug in de Nederlandse samenleving?

#4. Jeugdculturen

In de fase tussen kind en volwassene gaan jongeren hun ouders vaak minder belangrijk vinden en hun leeftijdsgenoten juist belangrijker. Jongeren zoeken graag een groep op waar ze ‘bij kunnen horen’. Hierdoor ontstaan jeugdculturen.

Jeugdculturen zijn groepen jongeren die zich van hun ouders en andere groepen onderscheiden met eigen muziek, kleding, straattaal en omgangsvormen.

Opdracht 6

Bekijk de video hierboven. YouTuber Kalvijn neemt de populaire videoclips een beetje op de hak. Wat zie je in deze videoclip terug, wat je ook in al die andere videoclips terugziet?

#5. Generaties

“Vroeger was alles beter.” Dit is typisch een opmerking van een eerdere generatie. Mensen die zijn opgegroeid in een andere tijd. Iedere tijd heeft zijn eigen cultuurkenmerken: denk aan de opkomst van de tv of het internet. Nieuwe muziek, belangrijke wereldwijde gebeurtenissen, het heeft allemaal invloed op een generatie en hun cultuur.

Extra: Presenteer een subcultuur

Als extra opdracht ga je een presentatie maken over een subcultuur. Verwerk je gevonden informatie tot een verslag of presentatie. Vraag aan je leraar hoe je de informatie moet presenteren. Zorg ervoor dat je de teksten niet letterlijk hebt overgenomen van internet. Vertel je eigen verhaal!

Bedenk minimaal zes dingen die je wilt weten over deze subcultuur. Zoals bijvoorbeeld:
  • Waar komt deze subcultuur vandaan?
  • Doen veel mensen mee aan deze subcultuur?
  • Wat zijn de belangrijkste onderwerpen of waarden van deze cultuur?
  • Hoe herkende je deze cultuur? (Denk aan kledingstijl, omgangsvormen en muzieksmaak.)
  • Welke beroemde personen horen bij deze cultuur?

Ga nu op zoek naar antwoorden op je vragen. Dit kun je uiteraard doen via websites, maar luister en bekijk ook de muziekclips of films van jullie subcultuur.

Kwam deze subcultuur bijvoorbeeld ook in het nieuws? Kun je iemand interviewen die hier bij hoort? Zijn er foto’s van te vinden?

 

Jouw feedback